Nieuwsbrief

Het einde van de Amerikaanse droom

23-07-2019

Dit fragment komt uit Het einde van de Amerikaanse droom van Noam Chomsky. 
Bestel direct

Kijk eens naar de Amerikaanse samenleving. Stel je voor dat je erop neerkijkt vanaf Mars. Wat zie je dan?
In de Verenigde Staten worden bepaalde waarden beleden, zoals democratie. In een democratie heeft de publieke opinie enige invloed op het beleid; de regering doet wat het volk wil. Dat is wat democratie inhoudt.
Het is belangrijk om te begrijpen dat bevoorrechte en machtige sectoren van de maatschappij nooit veel op gehad hebben met democratie, en om heel goede redenen. Het gaat hun om rijkdom en macht. Democratie legt de macht in de handen van de hele bevolking, en haalt die weg bij de bevoorrechten en de machtigen.

De vicieuze cirkel
Concentratie van rijkdom leidt tot concentratie van macht, met name als de kosten van deelname aan de verkiezingen snel stijgen, zodat de politieke partijen om aan geld te komen een steeds groter beroep moeten doen op grote bedrijven. Deze politieke macht wordt snel omgezet in wetgeving die de concentratie van rijkdom bevordert. En dus leiden fiscaal beleid, deregulering, voorschriften voor het bestuur en beheer van bedrijven en een hele reeks verschillende maatregelen – politieke maatregelen die ontworpen zijn om de concentratie van rijkdom en macht te bevorderen – ertoe dat de rijken en bevoorrechten steeds meer politieke macht krijgen, die ze gebruiken om rijkdom en macht nog sterker te concentreren. En dat is wat we de afgelopen decennia hebben zien gebeuren. En dus is er een ‘vicieuze cirkel’ op gang gekomen.

De verderfelijke stelregel
Ik bedoel, de rijken hebben altijd ongelofelijk veel macht gehad over het beleid. Dat gaat eigenlijk al eeuwen terug. Het is zo traditioneel dat het al in 1776 door Adam Smith werd beschreven. Lees zijn roemruchte The Wealth of Nations. Daarin schrijft hij dat, in Engeland, ‘de belangrijkste architecten van het beleid’ de mensen zijn die de samenleving in eigendom hebben – en in zijn tijd waren dat ‘handelaren en fabrikanten’. En reken maar dat die goed opletten dat hun eigen belangen heel goed behartigd worden, hoe ‘schadelijk’ dat ook mocht zijn voor het volk van Engeland, of voor andere volkeren.
Tegenwoordig zijn de machthebbers geen kooplieden en fabrikanten meer, maar financiële instellingen en multinationale bedrijven. Degenen die Adam Smith de ‘meesters van de mensheid’ noemde, houden zich aan wat hij ‘de verderfelijke stelregel’ noemde: ‘Alles voor ons en voor anderen niets.’ Ze voeren beleid dat goed is voor hen en schadelijk voor alle anderen.
Nou, dat is een soort algemene regel voor de politiek, en in de Verenigde Staten is daar veel aandacht aan besteed; het beleid is er steeds sterker op gebaseerd, en bij gebrek aan een door brede lagen van de bevolking gedragen reactie, viel ook niet anders te verwachten.

De American Dream is volgens Noam Chomksy in rook opgegaan. Mede door de ongekende inkomensongelijkheid kan de gewone Amerikaan niet meer op een betere toekomst hopen. Wat weer funeste gevolgen heeft, wereldwijd. Genadeloos ontleedt Chomsky de opkomst van het neoliberalisme, met zijn ongekende concentratie van rijkdom en macht.

Het einde van de Amerikaanse droom is in de Verenigde Staten van Trump actueler dan ooit. Het biedt dé analyse van waar het misging en wat we nog kunnen doen.

”Een man op de top van zijn intellectuele vermogens.” – The New York Times over Chomsky

€12,50
Bestel direct